donderdag 4 maart 2010

De Tragisch Realisten

In juli 2009 organiseerde cultureel centrum De Gruitpoort een debat, het Gruitdebat. Het doel van dit debat was om een brug te leggen tussen de verschillende generaties. Een aantal dagen eerder werd ik door Art-Jan Sijtsma, die ik kende van het Rietveld Lyceum, uitgenodigd om mee te gaan. Ik zou samen met Art-Jan in het publiek zitten en genieten van de enorme onzin. Art-Jan en ik waren redelijk op tijd aanwezig bij de Gruitpoort, in ieder geval eerder dan een groot deel van het publiek. In de warme zomerzon stonden we ontspannen te wachten tot we naar binnen geroepen zouden worden. We kwamen tijdens het wachten in gesprek met een van de debatleiders, die nog lekker dik de goede bedoelingen van deze avond met ons besprak. Art-Jan en ik besproken toen ook met deze man onze persoonlijke visies over kunst, en dat was genoeg voor hem om ons aan tafel uit te nodigen.
Eenmaal aan tafel schoot de tijd voorbij, het ene onzinnige standpunt werd afgewisseld door het andere en burgemeester Kaiser greep iedere kans die hij kreeg aan om ons terug op onze plaats te zetten en zijn walgelijke bewondering voor Doetinchem uit te spreken. Hij zat zo lekker in zijn element.
Waarschijnlijk hoeft het niet gezegd te worden, maar toch; Art-Jan en ik gingen niet weg met het idee dat alles oké was, dat alles goed komt en dat wij goed vertegenwoordig werden. Het was heel duidelijk dat de generatie boven ons zich ook zo zag; boven ons.
Op diezelfde avond werd nog druk nagepraat onder het genot van bier en gratis nootjes, die we uit sympathie kregen van de kroegbaas van Merleyn, die het hele debat ook een travestie vond. We hebben het debat nog druk doorgezet, met aan tafel onder meer Astrid Lamers en Jaap Hentenaar, die toen nog geen idee hadden met wat voor beweging ze zich ingelaten hadden. Het was ook de avond dat het idee om een manifest te schrijven definitief werd, en daar werd meermaals op geproost.
Niet veel later sprak ik met Art-Jan af, wederom in café Merleyn, om het Manifest te gaan schrijven. Het gesprek begon met het oprakelen van onze onrustgevoelens die hun top bereikt hadden tijdens het Gruitdebat. Vervolgens begonnen we te schrijven wat we vonden. We gebruikten alles waar we in ons dagelijks leven mee te maken hadden, zoals muziek, films, kunst, filosofie, politiek en westerse cultuur. Al snel bleek dat onze blik erop tragisch en negatief was, maar met af en toe een verwrongen hoop voor de toekomst. We kwamen er ook achter dat onze blik op de wereld boven alles toch vooral realistisch is. Al snel gingen wij ons de Tragisch Realisten noemen.
Wij hebben de moed verzameld om te zeggen hoe wij alles om ons heen vinden, en duidelijk te gaan maken dat het vanaf nu gewoon zo zal zijn zoals wij zeggen. Mensen zouden gaan denken zoals wij dachten, mensen zouden mooi gaan vinden wat wij mooi vonden. En boven dat alles, zou kunst vanaf nu zijn wat wij zeiden dat het moest zijn.
Ons doel werd al heel snel duidelijk: een expositie opzetten en daarin de combinatie van tekst en beeld te gebruiken. Het besluit om dit uit te voeren in de Gruitpoort was lekker bizar, aangezien de onvrede die we daar opdeden juist de basis voor de groep was.
Al snel begon het manifest zijn lange reis door Doetinchem en omstreken. Al snel werden de Tragisch Realisten gevolgd door voorstanders, tegenstanders, culturele organisaties en de media.

De weg werd vrijgemaakt.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten